1. Zaakverzekering
Het belangrijkste verschil tussen de verzekeringen die al besproken werden in deze reeks en afdeling 1 van de ABR-verzekering is dat deze laatste een zaakverzekering is.
Dit betekent dat de schade aan de verzekerde zaak gedekt is en de vraag naar de aansprakelijkheid voor de schade zich niet stelt. Het doel van de ABR-verzekering is dat de schade snel hersteld kan worden zonder onderlinge discussies tussen partijen.
2. Verzekeringnemer
De verzekering wordt bij voorkeur afgesloten door de opdrachtgever. De opdrachtgever heeft immers het beste overzicht over de uit te voeren werken en kent alle overeenkomsten. Dit is van belang omdat hij erop kan toezien dat de werken van alle aannemers en ontwerpers het voorwerp uitmaken van de ABR-verzekering.
Zijn alle werken, in het bijzonder de honoraria van de architect en de ingenieur, ook inbegrepen in de door de (hoofd)aannemer afgesloten verzekering? Werd de premie betaald? Aan wie zal de ABR-verzekeraar de vergoeding uitbetalen? Het zijn allemaal elementen waarover de opdrachtgever best de controle, minstens nauw toezicht, bewaart.
3. Verzekerde werken
Een correcte omschrijving van de werken is cruciaal.
Werken die niet opgegeven zijn zullen uiteraard niet verzekerd zijn en hun uitvoerder evenmin.
Het spreekt voor zich dat bijzondere technieken zoals onderschoeiing, grondwaterstandverlaging … cruciale informatie zijn. Een volledige mededeling van studies en plannen vermijdt latere discussies met de verzekeraar of deze al dan niet juist geïnformeerd was.
De verzekering wordt altijd afgesloten voor aanvang van de werken. Als de werken al een aanvang genomen hebben zullen veel verzekeraars niet meer bereid zijn de verzekering nog af te sluiten of enkel onder voorbehoud van de (impact van) reeds uitgevoerde werken. Dergelijk voorbehoud ondermijnt wat de ABR-verzekering beoogt te bereiken, namelijk een snelle regeling van de schade zonder discussie over aansprakelijkheden.
Belangrijk is eveneens dat de ABR-verzekering een einde neemt bij de voorlopige oplevering, de ingebruikname of de indienststelling maar in elk geval bij het einde van de voorziene duur in de verzekeringspolis. Bij vertraging in de uitvoering van de werken moet de ABR-polis dus verlengd worden. Weet dat u bij het afsluiten van de polis al afspraken kan maken over dergelijke verlenging, inbegrepen de te betalen premievoet. Het is misschien aangenaam deze discussie al gevoerd te hebben indien het achteraf een “probleemwerf” blijkt te zijn. Hou anderzijds bij het onderhandelen ook rekening met het feit dat, zelfs bij vertraging in de uitvoering van de werken, een deel van de werken is uitgevoerd. Een eenvoudige bijkomende premie begroot pro rata op de prijs van de initiële werken is geen correcte inschatting van het op dat moment nog te verzekeren risico.
4. Verzekerden
Omdat de ABR-verzekering een zaakverzekering beoogt te zijn, vallen, op voorwaarde dat de door hen uitgevoerde werken beschreven zijn in de polis en de waarde van deze werken is opgenomen in de polis, de volgende partijen onder het begrip “verzekerden”:
- de bouwheer;
- de hoofdaannemer;
- de onderaannemers die aan de werf meewerken;
- de nevenaannemers;
- de studiebureaus en architecten;
Het grote voordeel hiervan is dat er geen discussie moet worden gevoerd over aansprakelijkheid tussen de verschillende bouwpartners. De schade aan de werken wordt in principe rechtstreeks vergoed. Iedere verzekerde heeft zijn eigen rechtstreeks recht tegen de verzekeraar en de verzekeraar heeft tegen geen enkele van zijn verzekerden een verhaalsrecht.
De aannemer die geconfronteerd wordt met een diefstal van te plaatsen materialen op de werf zal rechtstreekse vergoeding bekomen van de verzekeraar, ook wanneer een andere verzekerde vergeten is de werf goed af te sluiten. De verzekeraar zal tegen de deze laatste in principe ook geen regres kunnen uitoefenen.
5. Verzekerbare goederen
In de absolute basispolis zijn de bouwwerken verzekerd, het project in concreto, de “op te richten goederen” bestaande enerzijds uit de bouwmaterialen en -elementen en anderzijds uit de uitrustingen.
De bouwmaterialen hebben betrekking op het bouwen, het vervaardigen van een gebouw tot een solide geheel door het plaatsen en verwerken van de materialen van de funderingen tot het dak, van de vloeren tot de schilderwerken.
De uitrustingen zijn de machines, toestellen en installaties zoals alles wat betrekking heeft op HVAC, elektriciteit, sanitair, keuken zonnepanelen, …
Daarbuiten kunnen nog bijkomend verzekerd worden:
- voorlopige bouwwerken (bv. Berlinerwand)
- bestaand goed, in het bijzonder bij verbouwingen
- bouwplaatskeet
- werfmaterieel en bouwplaats uitrusting (bv. hekken)
- bouwplaats toestellen (bv. kraan)
De keuzes hangen af van het concrete project. Een stelling is geen “op te richten goed” maar kan wel verzekerd worden voor het geval ze zou omwaaien.
Ook afbraakwerken zijn geen “op te richten goederen”. Zij zijn dus niet verzekerd als ze niet uitdrukkelijk zijn opgenomen in de bijzondere voorwaarden.
6. Schade
Elke beschadiging, vernietigingen of verlies van de verzekerde goederen valt onder dekking van de verzekering.
Het werk moet effectief beschadigd zijn. De ABR-verzekering is geen kwaliteitsgarantie. Enkel schade wordt vergoed. Een muur die in een halfsteensverband werd gemetst daar waar het lastenboek een kruisverband voorschreef is geen beschadigde muur. De ABR-verzekering zal geen tussenkomst verlenen om deze muur opnieuw te metselen.
7. Bouwtermijn/onderhoudstermijn
Het is in principe mogelijk een ABR-verzekering af te sluiten enkel voor werken uitgevoerd tot de voorlopige oplevering. Deze periode wordt omschreven als de bouwtermijn. De facto gebeurt dit bijna nooit en wordt er ook een verzekering afgesloten voor de periode tussen de voorlopige oplevering en de definitieve oplevering. Deze periode is gekend als de onderhoudstermijn en meestal bepaald op één jaar.
Voor de onderhoudstermijn geldt dat de schade die aangebracht worden tijdens het uitvoeren van opleverpunten aan reeds definitief opgerichte werken is verzekerd (het enkelvoudig onderhoud)
8. Uitgebreide en toch ook beperkte dekking
De slotconclusie is dat de ABR-polis een uitgebreide dekking heeft. Vooral het vermijden van geschillen tussen de verschillende bouwpartners over de aansprakelijkheid voor een schadegeval is een niet te onderschatten pluspunt.
Toch moeten we het enthousiasme temperen. De facto blijken een aantal vaak voorkomende schadegevallen toch buiten deze basisdekking te vallen.
Een verkeerd concept is geen op de werf uitgevoerd werk, een geleverd materiaal kan gebrekkig toekomen uit de fabriek, verborgen gebreken zijn niet gedekt…
Voor deze schade zal de ABR-verzekeraar dus geen tussenkomst verlenen.
Goed onderhandelen en de polis afstemmen op maat is essentieel.
Daarvoor verwijzen wij graag naar het volgende deel in onze reeks.